Terug naar Nummer 4, december 2021
Nummer 4, december 2021
VISIE

Theater Carré wil toegankelijk zijn voor iedereen

In Koninklijk Theater Carré beleven jaarlijks ruim 400.000 mensen een unieke culturele ervaring. Het iconische theater aan de Amsterdamse Amstel zet alles op alles om toegankelijk te zijn voor iedereen en wil daarmee bijdragen aan een inclusieve samenleving. Een gesprek daarover met algemeen directeur Madeleine van der Zwaan en directeur Carré Fonds Harriëtte Loeffen.

Wat is de rol van Carré als het gaat om een inclusieve samenleving?

Madeleine: ‘Iedereen moet naar ons theater kunnen komen, een voorstelling kunnen meemaken en zich welkom voelen. Sterker nog: elke bezoeker willen wij dezelfde magische theaterervaring geven. Niemand mag zich hier gehinderd, beperkt of uitzonderlijk voelen. Daar zijn we al veel langer mee bezig. De vraag is dan ook niet óf we inclusief willen zijn, maar hóe inclusief we willen zijn. En daarin gaan we ver. Wij zijn er van overtuigd dat cultuur, en een theaterbezoek in het bijzonder, kan bijdragen aan een inclusieve samenleving. Als verschillende soorten mensen in de zaal samen hetzelfde beleven, gaan ze ook met dezelfde blijheid en met dezelfde energie naar huis. Of ze raken door een voorstelling juist verstild en denken en praten samen in de stad of thuis na over maatschappelijke thema’s. Cultuur verbindt. En onze ronde zaal leent zich daar perfect voor. Waar je ook zit, je hebt zicht op het toneel én op de mensen om je heen. Mensen komen hier echt bij elkaar voor een belevenis waar ze samen van genieten.’

Hoe neem je fysieke, mentale en financiële drempels weg?

Harriëtte: ‘We zijn ooit letterlijk begonnen met het wegnemen van drempels. Dat startte met een onderzoek van de Zonnebloem naar de toegankelijkheid van Carré voor bezoekers met een rolstoel en andere fysieke beperkingen. Met onder andere mystery visitors. We ontdekten dat we het deze mensen vrij eenvoudig een stuk makkelijker kunnen maken. Duidelijke routeaanduidingen, een paar losse pinautomaten zodat je op elke hoogte eenvoudig je betalingen kunt doen, dat soort zaken. Onze medewerkers kregen een training en hebben bijvoorbeeld zelf ervaren wat wel en niet prettig is als je je in een rolstoel hier door de toegestroomde menigte beweegt. Dat bewustzijn was heel belangrijk. Wat we vooral hebben geleerd: door te luisteren naar de mensen zelf kom je snel tot aanpassingen waarmee een theaterbezoek geen gedoe meer is, maar een heel plezierige avond uit wordt.’

‘Niemand mag zich hier gehinderd, beperkt of uitzonderlijk voelen. Elke bezoeker verdient dezelfde magische theaterervaring.’

Op welke andere manieren maken jullie Carré toegankelijk voor iedereen?

Madeleine: ‘Mensen die gevoelig zijn voor prikkels houden niet van verrassingen. Op onze website staat speciale informatie waarmee zij zich kunnen voorbereiden op een bezoek aan Carré. Zo kan je voor sommige voorstellingen kiezen voor minder felle verlichting en geen achtergrondmuziek in de foyer. Andere voorbeelden? In samenwerking met ‘Stichting Komt het Zien!’ organiseren wij voorstellingen met tolkfaciliteiten voor visueel beperkte bezoekers. Vorige zomer hebben we in samenwerking met Humanitas ochtenden georganiseerd voor eenzame senioren. Een uitje op ons pop-up terras aan de Amstel. Koffie, een appelcarreetje erbij en heerlijk genieten in de zon. Tijdens Midzomer Mokum hebben we een draaimolen in de zaal geplaatst met spelletjes en zelfs botsautootjes erbij, een gratis toegankelijk vakantie uitje voor stadsgenoten.’  

Hoe raken jullie in gesprek met groepen mensen waarvoor jullie de toegankelijkheid willen vergroten?

Harriëtte: ‘De voorbeelden die Madeleine schetst, geven het al aan: in Nederland zijn er veel organisaties die zich al inzetten voor groepen mensen die het lastig hebben. Bijvoorbeeld mensen die het financieel zwaar hebben, jongeren die mentaal in de knel komen of eenzame senioren. Wij hoeven het wiel dus niet zelf uit te vinden. Wij hebben ons schitterende gebouw en onze prachtige, brede theaterprogrammering. Zij kennen de mensen die zich in ons theater welkom moeten kunnen voelen, ongeacht hun omstandigheden of achtergrond. Door de verbinding te zoeken met dit soort partijen kunnen we het verschil maken voor mensen. Een voorbeeld? S10 komt hier optreden en deelt met muziek, rap en spoken haar verhaal over haar psychisch zware jeugd en hoe zij daar mee omgaat. De helft van de toegangskaarten gaat naar Stichting Mind. Een organisatie die zich inzet voor onder meer de psychische gezondheid van jongeren. Het is een van de vele manieren waarop we onze culturele en maatschappelijke betekenis verbinden.’

Foto v.l.n.r.: Directeur Carré Fonds Harriëtte Loeffen, portier Harold Burgos en algemeen directeur Koninklijk Theater Carré Madeleine van der Zwaan.


Kan Carré al die extra inzet en aanpassingen zelf financieren?

Madeleine: ‘Carré kan dit als onafhankelijk en niet gesubsidieerd theater niet allemaal met eigen middelen betalen. En dus zijn we blij met de financiële steun van VSBfonds. Daarmee hebben we een pilot opgezet, met als werktitel de Carré Cultuurbank. Daarin worden alle activiteiten en ideeën gebundeld om fysieke, mentale of financiële drempels voor ons publiek weg te nemen en bij te dragen aan een inclusieve en vitale samenleving en de verbinding tussen mensen. Ook met partners als VSBfonds zijn we nauw verbonden. Een idee als dit komt ook voort uit de gesprekken met hen, we inspireren elkaar voortdurend. De coronamaatregelen maken het ons weliswaar lastig, toch zie je aan de voorbeelden die we eerder noemden dat we al heel veel ideeën weten uit te voeren. De pilot geeft ons de kans voor een echte opstart en uitrol van een manier van werken en denken waardoor inclusiviteit een integraal onderdeel blijft van ons theater en onze programmering. Je ziet ook dat medewerkers er met passie mee aan de slag gaan. Gastvrijheid zit ons in het bloed, voor alle mensen van Carré is het logisch dat iedereen zich in ons theater thuis gaat voelen.’

‘We willen dat inclusiviteit een integraal onderdeel
is van ons theater en van onze programmering.’

Betekent het dat fondsen jullie zullen moeten blijven steunen?

Harriëtte: ‘De bijdragen en het meedenken van de fondsen zijn natuurlijk enorm belangrijk. Maar wij beseffen ook dat onze inspanningen op het gebied van inclusiviteit uiteindelijk grotendeels zichzelf moeten gaan bedruipen. We hebben daarover natuurlijk al ideeën. Bezoekers die het financieel goed hebben zouden ‘een tweede kaartje’ kunnen betalen voor iemand die vanwege gebrek aan geld normaal gesproken niet naar Carré kan. Je kunt ook artiesten en impresariaten vragen of zij financieel willen bijdragen, zodat je gezamenlijk de maatschappelijke verantwoordelijkheid neemt.’ 

Kunnen andere theaters er ook hun voordeel mee doen?

Madeleine: ‘Uiteraard. Wij hebben een functie als boegbeeld en die verantwoordelijkheid nemen we ook graag. Het belang van dat iedereen kan meedoen, van sociale cohesie en inclusiviteit speelt natuurlijk overal in Nederland. Theaters elders in het land willen en moeten daarin ook hun rol pakken. Wij willen daarom onze ervaringen en wat wij onderweg leren graag delen. En ook hier zijn verbinding en goede gesprekken weer de sleutelwoorden. Theatercollega’s zijn dus welkom om langs te komen en we zullen de interactie met hen ook zelf opzoeken. Uiteindelijk gaat het erom dat iedereen in Nederland zonder letterlijke en figuurlijke drempels onbezorgd kan genieten van een heerlijke avond theater.’

‘We delen wat wij ervaren en leren
graag met onze collega-theaters in het land.’

Meer weten? Kijk op www.carrefonds.nl