Tips voor plan fondsaanvraag

Een van de manieren om een project te kunnen financieren is het aanschrijven van fondsen. Om het project te kunnen financieren, heeft een fonds een projectplan nodig. En hoe beter het plan, hoe makkelijker het voor het fonds is om zich een goed beeld van het project te vormen. Hieronder volgen 12 tips voor een goed projectplan.

Een algemene tip: wees kort en bondig.

De volgende punten mogen niet ontbreken:

Tip 1. Beleid en algemene criteria:  Verdiep u altijd in het beleid van het fonds waar u een aanvraag wilt doen. Stel u ook op de hoogte van de algemene criteria. U kunt op onze website een quickscan invullen. Zo weet u snel of uw plan voldoet aan onze algemene criteria voor het doen van een aanvraag.

Tip 2. Doelstelling: Bedenk altijd wat u wilt bereiken met uw project. Welke problemen u wilt oplossen, of welke situatie u wilt verbeteren. En hoe uw project dat gaat doen. Formuleer deze doelstelling SMART (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden). Beschrijf in concrete termen wat het project nu precies oplevert. U kunt meerdere resultaten vermelden, ook tussentijdse resultaten. Maak een prioritering en maak onderscheid tussen wat er minimaal opgeleverd moet worden om het project geslaagd te kunnen noemen.
   
Tip 3. Doelgroep en noodzaak: Beschrijf welke bestaande situatie de reden is voor het feit dat u het project wilt uitvoeren. U kunt hier bijvoorbeeld aangeven welk probleem of gemis u signaleert, of welke bijzondere gelegenheid zich voordoet? Beschrijf dit duidelijk.

Tip 4. De inhoud van het project
: Beschrijf welke activiteiten u gaat ondernemen om uw doel te realiseren. In welke volgorde worden deze activiteiten uitgevoerd, welke partijen zijn betrokken, etc.

Tip 5. Tijdsplanning: Wanneer gaat u beginnen en hoe lang duurt het project?
Let ook op de behandeltijd van de aanvraag van de fondsen. Dien de aanvraag ruim op tijd in. Bij VSBfonds is de behandeltijd maximaal vier maanden.
  
Tip 6. Een duidelijke begroting:  Die hoeft niet altijd ingewikkeld te zijn.
Het is prettig wanneer de begroting overzichtelijk en kloppend is. Belangrijk is dat de begroting realistisch is. 

Tip 7. Andere financiers:  Vraag ook geld aan bij andere financiers en geef aan welke dat zijn. VSBfonds financiert een project bij voorkeur nooit volledig.    
     
Tip 8. Mankracht: Met wie gaat u het project doen, met vrijwilligers of professionals? Ook de inzet van vrijwilligers kost soms geld, bijvoorbeeld als zij een training of begeleiding nodig hebben. Dat heeft ook gevolgen voor uw begroting

Tip 9. Stakeholders: Met welke relevante partijen werkt u samen en welke
partijen hebben baat bij uw project? Noem ze en betrek ze bij het project, want zij kunnen het eventueel borgen na verloop van tijd.

Tip 10. Communicatie en publiciteit: Hoe krijgt u aandacht van de doelgroep en pers voor je project. En hoe wilt u bijvoorbeeld vrijwilligers aantrekken indien van toepassing.
 
Tip 11. Evaluatie:
Het is goed vooraf te bedenken hoe u gaat meten of
uw project geslaagd is. Is dat bij een bepaald aantal deelnemers? Abstracte
begrippen als empowerment of eenzaamheid zijn soms lastig te meten. Maar
daarvoor heb je methoden zoals bijvoorbeeld de participatieladder.

 

Deze tips zijn toegelicht door Sue van Soest, senior adviseur Mens & Maatschappij, in een interview met Zorg en Welzijn

Sluiten